Transcript 1 27/01 GEMEENTERAAD VAN TORHOUT VERGADERING VAN
1 27/01
GEMEENTERAAD VAN TORHOUT VERGADERING VAN 27 JANUARI 2014
De voorzitter opent de vergadering om 19.00 uur. Zij stelt vast dat de raad in voldoende aantal aanwezig is. Aanwezig: H. Crevits, voorzitter, N. De Cuyper, burgemeester, K. Audenaert, L. Denolf, E. De Ketelaere, E. Desmet, W. Depoorter, R. Dewulf, S. Deroo, voorzitter Raad voor Maatschappelijk Welzijn, schepenen, D. Douifi, B. Naeyaert, W. Baert, M. Vanwalleghem, A. Vanderspurt, J. Bruynooghe, E. Carette, D. Damman, H. Blomme, J. Cuvelier, J. Claus, M. Verduyn, P. Billiet, V. Jodts, B. Vander Donckt, S. Becelaere, E. Maes en E. de Brabander, leden en L. Vandamme, secretaris.
OPENBARE ZITTING 1. Verslag over de vorige vergadering.
Er zijn geen opmerkingen, bijgevolg is het verslag van 23 december 2014 verondersteld te zijn goedgekeurd.
2. Mededelingen.
De verhuis naar het nieuwe stadskantoor is voorzien eind maart, de officiële openstelling is gepland op 10 mei en op 11 mei is er opendeurdag in combinatie met "Feest in het Park". Mede namens de raad betuigt de burgemeester zijn medeleven naar aanleiding van het overlijden op 15 januari laatstleden van mevrouw Nicole Dehaene, moeder van raadslid Jürgen Claus.
3. Ruimtelijke ordening - gemeentelijk ruimtelijk bedrijventerrein Roeselaarseweg - voorlopige vaststelling. uitvoeringsplan lokaal
Dit besluit wordt goedgekeurd zich. met 21 stemmen ja. De heren J. Bruynooghe en B. Vander Donckt stemmen neen. De dames D. Douifi en M. Vanwalleghem, de heer D. Damman en mevrouw V. Jodts onthouden Met een e-mail van 28 januari 2014, gericht aan de secretaris, vraagt de heer B. Vander Donckt de navolgende tekst in de notulen op te nemen als rechtvaardiging van zijn stemgedrag: "Dat er nood is aan een nieuw bedrijventerrein weet iedereen. De grootte en de plaats staan hier niet meer ter discussie. Hierover is in het verleden al uitvoerig gediscussieerd. Laat het ons hebben over wat hier nu op tafel ligt. Als we dit RUP van naderbij bekijken, zien we heel wat verordenende voorschriften in verband met groenstroken, fietsverbindingen, stedenbouwkundige voorschriften, … Zo staat er bijvoorbeeld al duidelijk omschreven hoe hoog een omheining mag zijn en waar de publiciteit mag komen. Heel gedetailleerd dus. Zo hoort het, hoe duidelijker omschreven wat mag en niet mag, hoe minder kans op discussiepunten, op voorwaarde dat er grondig werk wordt gemaakt van de voorschriften inzake toetsing ruimtelijke ordening. De WVI gaat er prat op om CO² - neutrale bedrijventerreinen te ontwikkelen en ook het stadsbestuur stelt in de BBC deze doelstelling. Wij van Groen vinden dan ook dat het niet bij loze woorden kan blijven en zijn dan ook ontzet en énorm ontgoocheld hoe deze doelstellingen vertaalt zijn in dit RUP!! Ik verklaar mij nader waarom. 1) Hoewel gedetailleerd uitgeschreven én dus verondersteld grondig te zijn overdacht, staat er in de verordenende voorschriften geen woord dat het duurzaam energiegebruik verplicht! Onbegrijpelijk: hoe kan de WVI en dit stadsbestuur dan zeggen bezig te zijn met het klimaat? 2) Verder staat er bij de hoofdbestemming te lezen dat de productie van energie is toegelaten…wat een prachtig idee, maar het moet een verplichting zijn. Iedereen weet dat energie in de toekomst NIET goedkoper gaat worden en dat de fossiele brandstoffen op zullen geraken… Dit betekent dat er steeds meer zal worden geprobeerd om in de eigen energie te voorzien. Wel, dit bedrijventerrein is samen met het regionaal bedrijventerrein dé uitgelezen kans voor Torhout om eens voor te zijn in plaats van altijd achterop te hinken. Maar met dit RUP zal dat alvast niet lukken…
2 3) Daarnaast citeer ik ook uit de rubriek “Duurzame bedrijfsprocessen” binnen dit RUP. “Binnen het bedrijventerrein moeten de mogelijkheden voor milieuvriendelijke energievoorzieningen op timaal worden voorzien. Niet enkel wind- en zonne-energie maar ook restwarmte of restkoude, hergebruik van (gezuiverd) afvalwater, gebruik van regenwater,... zijn interessante pistes. Ook de architectuur en het materiaalgebruik van de bedrijfsgebouwen kunnen bijdragen tot een lage energiekost.” Opnieuw mooie woorden, maar opnieuw hierover geen verordenende voorschriften!! En dit alles dus terwijl het bestuur volgens de meerjarenplanning nieuwe bedrijventerreinen CO²-neutraal wil maken. En dit in samenwerking met de WVI, die ook CO² neutraal wil gaan… Onbegrijpelijk. Want laat de WVI nu net de ontwerper, de realisator en de beheerder zijn van dit RUP! Het plan en haar voorschriften moeten dus veel meer milieuvriendelijk en duurzamer gemaakt worden. En dit in deze fase. Het stadsbestuur maakt hier de fout om pas echt over de duurzaamheid van een plan na te denken op het moment dat er effectief gebouwd zal worden. Op dat ogenblik zijn bepaalde mogelijkheden echter reeds sterk afgenomen, waardoor duurzaamheidsmaatregelen beperkter zijn. Door reeds de meest doelmatige maatregelen en inrichtingsprincipes in het plan, de voorschriften en in het beleid te integreren, kan men doorgaans veel duurzamere plannen realiseren. Dat is toch net de bedoeling van het stadsbestuur als we de meerjarenplanning mag geloven. Of niet soms? Waarom is hierover dan niets in dit RUP opgenomen? Zo’n zaken moeten er absoluut inkomen als je wil inzetten op de toekomst. Laat ons deze kans met twee handen grijpen. Nogmaals, dit is dé uitgelezen kans. Zoals het RUP nu op tafel ligt zijn we absoluut nog niet toe aan een bedrijventerrein dat klaar is voor de toekomst. Ik veronderstel dat jullie gaan antwoorden dat verschillende zaken omtrent duurzaamheid zullen meegenomen worden binnen het PRUP van het regionaal bedrijventerrein…. Wel, dat antwoord kan voor ons niet voldoende zijn. Er bestaat inderdaad geen twijfel over dat dit RUP niet losgekoppeld kan worden van het PRUP van het regionale bedrijventerrein. Ook binnen het voorliggend RUP wordt een aantal keer verwezen naar het toekomstig regionaal bedrijventerrein. Zo zal de komst hiervan de nodige consequenties hebben voor wat betreft de ontsluiting van de site, landschap pelijke buffering aan de zuidzijde en maatregelen voor waterbeheersing . Voor deze zaken is er wel rekening gehouden in het voorliggende voorontwerp, maar niet voor wat betreft duurzaam nutsvoorzieningen? Het wordt helemaal onbegrijpelijk als men weet dat de locatie waar beide bedrijfsterreinen komen al in 2009 door de deputatie is aangeduid als één van de primaire zones om windturbines te plaatsen binnen de provincie… Waarom kan wat betreft nutsvoorzieningen geen voorafname t.a.v. het PRUP gedaan worden, zeker in het licht van de mogelijkheid tot energieproductie in regionaal/lokaal beheer. Laten we de verschillende RUP’s op dit vlak niet afzonderlijk behandelen, maar laat ons synergetisch werken. In dit RUP staat er tot op heden dus geen enkele verplichting om duurzame energievoorziening te voorzien. Het is te verblijvend. Wij eisen duurzame verordenende maatregelen binnen dit RUP. Wij willen een bedrijventerrein waar de ecologische balans nul of zelfs positief is én waar er energie lokaal en duurzaam wordt geproduceerd ten voordele van de Torhoutenaar en onze regio! Daar moeten wij voor gaan en voor niets minder! Dit is goed voor iedereen en zeker voor de ondernemers, die op middellange termijn de terugwinst zullen hebben! Als je verschillende adviezen leest, zijn wij niet de enige die er zo over denken. want waarom anders raadt het departement van Leefmilieu, Natuur en Energie aan om in elke stap van het proces zoveel mogelijk gepaste duurzaamheidsmaatregelen te integreren. Ze stellen voor om o.a. milieu- en energievriendelijke materialen en bouwtechnieken in de bouwvoorschriften te vermelden. Ze geven ook het advies om gevelgroen en groendaken op te nemen alsook het geclusterd aanleggen van parkeerplaatsen onder een groen bladerdak van hoogstammige bomen. Aanbevolen wordt om minimum één hoogstammige boom per vier parkeerplaatsen te voorzien op de parking. Ook van deze voorstellen vinden we véél te weinig terug. Tot slot wil ik nog meegeven dat het geen goed idee is om zo’n verordeningen door te schuiven naar verkaveling- of vergunningsniveau. Zo’n zaken horen in het RUP zodat onduidelijkheden en willekeur bij de vergunningen vermeden kunnen worden. Als we de krant mogen geloven hebben we al een schepen van verhuizingen, laat ons geen schepenfunctie van doorschuiving creëren. Wij zijn 100 % voor een nieuw bedrijventerrein, maar dan een bedrijventerrein die duurzaam en klimaatneutraal is. Maar niet met de voor ons minimale verordenende voorschriften zoals ze hier op tafel liggen. Onze stad en de toekomst van de Stad verdient beter. Vandaar dan ook onze neen stem." Gelet op artikel 42 van het gemeentedecreet; Gelet op artikel 2.2.1 tot en met 2.2.5, artikel 2.2.13 tot en met 2.2.18 en artikel 2.4.3 tot en met 2.4.9 van de Vlaamse codex ruimtelijke ordening zoals vastgesteld bij besluit van de Vlaamse regering van 15 mei 2009 houdende coördinatie van de decreetgeving op de ruimtelijke ordening;
3 27/01 Gelet op het gemeenteraadsbesluit van 16 februari 2009, tot de principiële beslissing tot aanleg van een gemengd lokaal bedrijventerrein langs de Roeselaarseweg en het vaststellen van de ruimtelijke voorwaarden voor de aanleg; Gelet op het besluit van het college van burgemeester en schepenen van 24 maart 2010, waarbij de West-Vlaamse intercommunale (WVI) wordt aangesteld als ontwerper, realisator en beheerder van het lokaal bedrijventerrein Roeselaarseweg; Gelet op het gemeentelijk ruimtelijk structuurplan dat door de deputatie werd goedgekeurd op 3 juli 2008; Gelet op het ontwerp van het gemeentelijk ruimtelijk uitvoeringsplan 'Lokaal bedrijventerrein Roeselaarseweg' bestaande uit een toelichtingsnota, stedenbouwkundige voorschriften, een plan bestaande toestand en een bestemmingsplan; Gelet op het besluit van de Vlaamse Regering van 11 mei 2001 tot aanwijzing van de instellingen en administraties die adviseren over voorontwerpen van ruimtelijke uitvoeringsplannen, en verdere wijzigingen; Gelet op de verslagen van de plenaire vergaderingen d.d. 19 april 2012 en 30 augustus 2013 en de bijhorende adviezen; Overwegende dat het ontwerp RUP werd aangepast aan de adviezen, gegeven in kader van de plenaire vergaderingen; Gelet op de brief van het Departement Leefmilieu, Natuur en Energie, Dienst milieueffecten rapportagebeheer d.d. 27 augustus 2013 met het kenmerk LNE/MER/SCRPL12081/2013, waarin wordt geconcludeerd dat het voorgenomen plan geen aanleiding geeft tot aanzienlijke negatieve milieugevolgen en dat de opmaak van een plan-MER niet nodig is; Overwegende dat het nodig is om een onteigeningsplan op te maken om de uitvoering van het RUP te garanderen, dat de motivatie voor de opmaak van dit plan in de toelichtende nota van het RUP op p. 50 en 51 is opgenomen;
BESLUIT:
Enig artikel – Het ontwerp van het gemeentelijk ruimtelijk uitvoeringsplan 'Lokaal bedrijventerrein Roeselaarseweg' en het bijhorend onteigeningsplan voorlopig vast te stellen.
4. Personeel - brandweer - vacantverklaring van een betrekking van onderluitenant vrijwilliger - vaststellen van de aanwervingsvoorwaarden.
Dit besluit wordt goedgekeurd met eenparigheid. Gelet op ons besluit van heden waarbij het vrijwillig ontslag van de heer Didier Delaere, luitenant vrijwilliger bij de stedelijke brandweerdienst, wordt aanvaard; Overwegende dat het voor de continuïteit van de dienstverlening van de stedelijke brandweerdienst van belang is dat deze functie vacant wordt verklaard; Gelet op het KB van 19 april 1999 tot vaststelling van de geschiktheids- en bekwaamheidscriteria alsmede van de benoembaarheids- en bevorderingsvoorwaarden voor de officieren van de open bare brandweerdiensten, zoals gewijzigd bij KB van 14 december 2001 en van 8 april 2003; Gelet op ons besluit van 25 augustus 1997 tot hervaststelling van het grondreglement van de stedelijke brandweer, zoals laatst gewijzigd bij besluit van de gemeenteraad van 25 maart 2013; Gelet op de bepalingen van de gemeentewet; Gelet op de artikel 27§1, 35§2, 43§2, 10° en 106, eerste lid van het gemeentedecreet; Op voorstel van het college van burgemeester en schepenen;
BESLUIT:
Artikel 1 - Bij de stedelijke brandweerdienst wordt één betrekking van onderluitenant-vrijwilliger vacant verklaard, te begeven bij aanwerving. Artikel 2 - De kandidaten voor de betrekking van onderluitenant-vrijwilliger moeten aan volgende voorwaarden voldoen: 1° Belg zijn 2° ten minste 21 jaar oud zijn 3° een minimale lengte hebben van 1,60 m 4° van goed zedelijk gedrag zijn 5° in orde zijn met de dienstplichtwetten 6° zijn hoofdverblijfplaats hebben in de gemeente binnen de zes maanden na afloop van de proef periode 7° houder zijn van een diploma of getuigschrift dat minstens toegang geeft tot de betrekkingen van niveau 2 bij de federale overheidsdiensten, vermeld in bijlage I bij het KB van 2 oktober 1937 houdende het statuut van het Rijkspersoneel. Artikel 3 - De vacature wordt bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad en in minstens twee kranten die in het gehele land worden verspreid ten laatste veertien dagen voor de uiterste
4 inschrijvingsdatum. De oproep wordt aangeplakt in de kazerne en vermeldt de te vervullen voorwaarden, de opgelegde proeven, de stof ervan en de uiterste datum voor het indienen van de kandidaturen. Elke kandidatuur moet per aangetekende brief gericht worden aan de burgemeester op het adres Markt 1, 8820 Torhout. Artikel 4 - De selectieproeven bestaan uit drie delen: het geneeskundig onderzoek, de proeven inzake lichamelijke geschiktheid en de selectie-examens (schriftelijke en mondelinge proef). 1. geneeskundig onderzoek Vóór het afnemen van de proeven inzake lichamelijke geschiktheid moeten de kandidaten zich onderwerpen aan een geneeskundig onderzoek dat op grond van de in bijlage II van het besluit van 19 april 1999 tot vaststelling van de geschiktheids- en bekwaamheidscriteria alsmede van de benoembaarheids- en bevorderingsvoorwaarden voor de officieren van de openbare brandweer diensten, zoals gewijzigd bij KB van 14 december 2001 en van 8 april 2003, wordt verricht door de preventieadviseur-geneesheer. Het geneeskundig onderzoek gaat altijd vooraf aan de proeven inzake lichamelijke geschiktheid en selectie, waaraan immers alleen de voor de dienst geschikt bevonden kandidaten kunnen deel nemen. Het geneeskundig onderzoek is eliminerend en gaat elke andere selectieproef vooraf. 2. proeven inzake lichamelijke geschiktheid Voor het afnemen van de proeven inzake lichamelijke geschiktheid wordt een examencommissie samengesteld bestaande uit: de officier-dienstchef een officier van een brandweer categorie Z of Y een leraar LO (bachelor of master) een secretaris: de gemeentesecretaris of een door hem aangesteld personeelslid Om na te gaan of de fysieke conditie van de kandidaten toereikend is voor de functie worden volgende lichamelijke proeven afgenomen: Beklimmen van een autoladder: De kandidaat beklimt een vrijstaande ladder, 20m uitgeschoven, helling van 70°, in 45 seconden. Men mag één keer herkansen na een rustperiode van 15 minuten. De start gebeurt vanaf de voet van de ladder, wanneer de kandidaat de armen langs het lichaam houdt en de ladder niet aanraakt. De kandidaat is voorzien van valbeveiliging. Dragen van ademhalingsapparatuur: De kandidaat legt een parcours af van 400 meter waarbij o.m. trappen dienen genomen met ademhalingsapparatuur. Dit parcours dient afgelegd binnen de vier minuten. Zwemmen: de kandidaat zwemt 50 meter in 90 seconden, vertrekkend rechtstaand aan de rand van het zwembad. De kandidaat krijgt 1 poging Evenwichtsbalk: De kandidaat gaat voorwaarts over een balk van 7 à 10 cm breed, 3,50 m lang, op 1,20 m boven de grond, in maximum 8 seconden. Manier van op- en afspringen zijn vrij. De chronometer start wanneer de kandidaat zich in evenwicht op de boom gesteld heeft, met één hiel aan het begin van de boom en wordt stilgelegd vóór de kandidaat afstijgt, wanneer de voet voorwaarts gestrekt op het uiteinde van de boom rust. De kandidaat krijgt 2 pogingen. De proeven inzake lichamelijke geschiktheid zijn eliminerend en gaan de selectie-examens vooraf. 3. Selectie-examens: De selectie-examens zijn vergelijkend en bestaan uit: een schriftelijke proef op 50 punten een mondelinge proef op 50 punten Inhoud van de selectie-examens: Evaluatie van de overeenstemming van het profiel van de kandidaat, met de specifieke vereisten van de functie, evenals van zijn organisatievermogen, zijn communicatieve vaardigheden en leidinggevende kwaliteiten. Hiertoe kunnen de selectieproeven verschillende tests bevatten (bv. rollenspel, beslissingsboom, postbakoefening, interview, persoonlijkheidstest, …) die het organisa tievermogen, de communicatieve vaardigheden en leidinggevende kwaliteiten van de kandidaat testen. Om als geslaagd te worden beschouwd dienen de kandidaten voor elke proef ten minste 50% van de punten te behalen en 60% in het totaal. Voor het afnemen van de selectie-examens wordt een examencommissie samengesteld bestaande uit: de officier-dienstchef twee ervaringsdeskundigen van minstens gelijk niveau als de te begeven functie een selectiedeskundige een secretaris: de gemeentesecretaris of een door hem aangesteld personeelslid De examencommissie bestaat voor ten minste de helft uit experts die niet tot de gemeentediensten behoren.
5 27/01 Gemeenteraadsleden kunnen het examen als waarnemer bijwonen. Zij mogen echter niet deel nemen aan de beoordeling van de kandidaten en aan de deliberatie door de examencommissie. Artikel 5 - De selectieproeven worden georganiseerd als vergelijkend examen. Kandidaten die de voorwaarden vervullen en die geslaagd zijn voor het geneeskundig onderzoek, de proeven inzake lichamelijke geschiktheid en de selectie-examens, worden door de gemeenteraad toegelaten tot de proeftijd in orde van rangschikking resulterend uit de selectie-examens zoals bedoeld in artikel 4. De proeftijd duurt één jaar. Zij kan door de gemeenteraad maximum tweemaal verlengd worden met een periode van één jaar, wat de totale periode op drie jaar kan brengen.
5. Cultuur - goedkeuring statuten voor de intergemeentelijke projectvereniging Ginter 2014 - 2019.
Dit besluit wordt goedgekeurd met 21 stemmen ja. Mevrouw M. Vanwalleghem, de heren J. Bruynooghe en D. Damman, mevrouw V. Jodts en de heer B. Vander Donckt onthouden zich. Mevrouw D. Douifi neemt niet deel aan deze beraadslaging en stemming. Overwegende dat op 4.12.2003 een overeenkomst tussen de gemeenten Torhout, Zedelgem, Ichtegem, Oostkamp, Gistel, Middelkerke en Kortemark werd goedgekeurd en zo de Intergemeen telijke Culturele Samenwerking Ginter tot stand kwam; Overwegende dat de samenwerking op 17.12.2007 voor een eerste keer verlengd werd voor een periode van 6 jaar; Overwegende dat Ginter tijdens de afgelopen jaren kan terugkijken op verscheidene publieksinitiatieven en op een geslaagde samenwerking met de cultuurdiensten, bibliotheken, gemeenschapscentra en Cultuurcentra; Overwegende dat de samenwerkingsperiode op 31 december 2013 afliep en dat die periode volgens de statuten opnieuw kan verlengd worden en dit voor een periode van zes jaar; Overwegende dat de gemeente jaarlijks een lidmaatschap bijdraagt voor een bedrag van 0,30 euro (dertig eurocent) per inwoner, per jaar. Deze bijdrage kan vanaf 2014 worden aangepast aan de index van de consumptieprijzen; Gelet op het begrotingskrediet voor 2014 voorzien onder beleidsitem 070900, algemene rekening 615006 (lidgelden) - gekoppeld aan de planningsperiode voor 2014-2020; Gelet op het positief advies van de Cultuurraad dd 25.09.2013; Gelet op het visum met registernummer 2014/2 op datum van 9 januari 2014, verleend door de Financieel Beheerder van de Stad Torhout; Op voorstel van het college van burgemeester en schepenen;
BESLUIT:
Artikel 1 – De vernieuwde statuten als bijgevoegd goed te keuren. Artikel 2 - De verlenging van het lidmaatschap aan het intergemeentelijk cultureel samenwerkingsverband Ginter goed te keuren voor de periode 2014 - 2019. Artikel 3 - De in de begroting voorziene werkingsmiddelen ter beschikking te stellen van Ginter conform de overeenkomsten binnen het samenwerkingsverband. Artikel 4 - De afvaardiging in de Raad van Bestuur van Ginter van mevrouw Lieselotte Denolf als effectief lid met stemrecht zijnde de schepen van Cultuur en Freddy Vandenbruwane als vertegenwoordiger met raadgevende stem aangeduid door de oppositiefracties, als vastgesteld in de gemeenteraad van 25.02.2013 te bevestigen.
6. Wegen - overname wegenis Waterhoekweg.
Dit besluit wordt goedgekeurd met eenparigheid. Mevrouw D. Douifi neemt niet deel aan deze beraadslaging en stemming. Gelet op de overeenkomst inzake wegenis- en uitrustingswerken afgesloten met Delanghe Michiel, Grietestraat 3, Lichtervelde op 17 oktober 2013, goedgekeurd in gemeenteraadszitting van 23 februari 2006; Gelet op het besluit van het college van burgemeester en schepenen van 2 oktober 2013 houdende definitieve aanvaarding der werken; Gelet op het metingsplan opgemaakt door landmeter-expert Van Lancker Rob te Loppem op 25 september 2013; Gelet op de ontwerpakte opgemaakt door notariskantoor De Vlieger & Steyaert te Ichtegem; Gelet op de overige stukken van het dossier; Gelet op de bepalingen van het gemeentedecreet, inzonderheid artikel 42 en 43 §2 12°;
BESLUIT:
6 Artikel 1 - Over te gaan tot het verwerven ten kosteloze titel, jegens Delanghe Michiel, Grietestraat 3, 8810 Lichtervelde van een perceel grond, dienstig als wegenis gelegen in de verkaveling aan de Waterhoekweg te Torhout, kadastraal bekend 1° afdeling, sectie A, kadastraal nummer deel van 822X, zoals afgebeeld op het meetplan opgemaakt op 25 september 2013 door landmeter-expert Van Lancker Rob te Loppem, met een totale oppervlakte volgens meting van 5 a 2 ca 66 dm², onder aanvaarding van de voorwaarden opgenomen in de ontwerpakte, opgemaakt door notariskantoor De Vlieger & Steyaert te Ichtegem. Artikel 2 - Deze verwerving te bestemmen voor openbaar nut, meer bepaald voor inname in het openbaar domein. Artikel 3 - Afschrift van dit besluit wordt in drie exemplaren toegezonden aan notariskantoor De Vlieger & Steyaert te Ichtegem met het oog op het verlijden van de akte. Artikel 4 - De Hypotheekbewaarder is uitdrukkelijk ontslagen van de verplichting van ambtswege inschrijving te nemen bij de overschrijving van de akte.
7. Vragen en voorstellen namens de fractie sp.a/groen betreffende: - parkeerplaatsen en faciliteiten voor motorhomes nabij kasteel Wijnendale
De heer D. Damman heeft hieromtrent de volgende verklarende nota ingediend: "Er is een grote markt in zake motorhomes en dus vind ik dat onze stad Torhout, die toeristische trekpleisters heeft zoals het kasteel van Wijnendale en zeer goede knooppunten op het fietsnetwerk, die markt moet aansnijden. De mogelijkheden rond het kasteel van Wijnendale om een parking met faciliteiten aan te leggen voor motorhomes willen wij benut zien in het belang van Wijnendale als toeristisch aantrekpunt, en in het verlengde de promotie van onze stad. Wij vragen nutsvoorzieningen zoals water, elektriciteit en sanitaire faciliteiten (waarmee wordt bedoeld de mogelijkheid tot lozen). De wetgeving naar vrij kamperen zou natuurlijk ook moeten worden nageleefd. Een voordeel naar publiciteit toe is dat onze stad ook vermeld wordt in allerhande kampeergidsen en de eigen publicaties van de motorhomevereniging(en). Wij vinden naar aanleiding van de grote werken in de Oostendestraat dat het een goed idee is om het project voor de motorhomes mee te nemen in de werken. Wij zijn ervan overtuigd dat het zeker zal aanslaan in kampeermiddens. Het komt er dan op aan in te spelen op de mogelijkheden via bv ons fietsennetwerk de stad met al haar mogelijkheden aan handels- en horecazaken, maar ook van musea tot kinderspeelpleinen en andere activiteiten, te promoten. Ziet het stadsbestuur mogelijkheden om het voorzien van faciliteiten voor motorhomes rond het kasteel van Wijnendale mee te nemen in de werkzaamheden van de Oostendestraat? Zo niet, wanneer zou dit project gerealiseerd worden?" De burgemeester zegt dank aan Damman voor dit positief voorstel. Hij laat zich in zijn uiteenzetting omtrent de benodigde faciliteiten verder inspireren door een brief van een motorhome toerist en stelt dat het GRUP Wijnendalekapel op deze noden inspeelt. Hij heeft dan ook reeds verschillende toelatingen gegeven om de parking bij het kasteel van Wijnendale voor dit doel te gebruiken. Het enige nadeel van deze locatie is dat ze nogal ver van het stadscentrum verwijderd is. De heer D. Damman verwacht meer. Hij doelt op een volledig uitgeruste pleisterplaats voor motorhomes waarbij alle toeristische troeven van Torhout zouden kunnen uitgespeeld worden. De uitvoering van grootschalige wegen- en rioleringswerken aan de Oostendestraat bieden hiertoe volgens hem de gelegenheid bij uitstek. De burgemeester moet dit tegenspreken. Het niveauverschil tussen de Oostendestraat en de naastgelegen parking is daarbij de grootste hinderpaal.
- besparing voor en door de stad op verzekeringsportefeuilles
Mevrouw D. Douifi heeft hieromtrent de volgende verklarende nota ingediend: " Verzekeringspolissen kosten de Vlaamse lokale besturen jaarlijks handenvol geld. Ook in Torhout is dat zo. Het betreft verzekeringen tegen arbeidsongevallen, branden, auto-ongevallen, burgerlijke aansprakelijkheid en ga zo maar door, die de stad Torhout ruim 300 000 euro op jaarbasis kosten. Dat bedrag kan fors naar beneden worden gehaald door voor al de verzekeringspolissen een openbare aanbesteding uit te schrijven. De gemeente Dilbeek paste deze bestuursmaatregel toe en het leverde de gemeente een besparing van 43% op: in Dilbeek werd in 2011 nog een bedrag betaald van 428,901 euro premies. Het stadsbestuur gaf er de opdracht aan de dienst Financiën om een ‘opkuis’ te organiseren ten einde nuttig te besparen en ook efficiënter te beheren. En met succes: de hele procedure, inclusief onderhandelingen met de kandidaat verzekeraars, leverde de gemeente forse besparing op van maar liefst 183 705 euro. Ook andere gemeenten deden intussen
7 27/01 de oefening en zagen hun verzekeringskosten met 40% dalen. Ondertussen vraagt Vlaams Minister van Binnenlands Bestuur, Geert Bourgeois, aan alle lokale besturen om goedkopere verzekeringspolissen af te sluiten nu de gemeenten het budgettair moeilijk hebben. Ook de VVSG (Vlaamse vereniging voor steden en gemeenten) onthaalt dit voorstel positief. Het Agentschap voor Binnenlands Bestuur heeft een ganse leidraad uitgewerkt waarmee de gemeenten kunnen werken, en ook het wetgevend kader is er om in deze belangrijke financiële voordelen te kunnen boeken: zo kan een opdracht van bij de toewijzing één of meerdere verlengingen omvatten, maar dient de volledige looptijd, met inbegrip van verlengingen, algemeen beperkt te blijven tot vier jaar na het toewijzen van de opdracht. Vragen: Welke evaluatie maakt het stadsbestuur van haar eigen beheer en beleid inzake de verzekeringsportefeuilles van de stad? Met welke frequentie gebeurt dat en dewelke zijn de conclusies? Het stadsbestuur gaf n.a.v. de budgettaire meerjarenplanning zeer duidelijk aan financieel krap te zitten. Past de kaasschaafmethode toe door overal een beetje te besparen zoals op organisaties en de subsidies aan de verenigingen, beloofde projecten voor de stad uit te stellen en belastingen en retributies te verhogen (milieubelasting, parkeren, nieuwe belasting, prijsverhoging restafvalzakken). Een besparing die niemand pijn doet, maar gerealiseerd kan worden door efficiënt beheer -na de ‘boer’ op te gaan via de aangereikte procedures door de hogere overheid, zoals de openbare aanbesteding- van de verzekeringsportefeuilles zou de stad Torhout een groot bedrag kunnen opleveren: gaat het college van burgemeester en schepenen hierop in? Zo ja, hoe en wanneer?" De heer S. Deroo, voorzitter van de raad voor maatschappelijk welzijn en schepen, antwoordt dat de oefening er aan zit te komen. Het gaat evenwel niet om een zwart-wit gegeven. Naast de premiekosten dient bij beoordeling ook rekening gehouden met een aantal bijkomende factoren. De prijsvraag kan overigens best gebeuren voor Stad en O.C.M.W. gezamenlijk. Een voorafgaande consultancyopdracht lijkt hem daarbij overbodig. Mevrouw D. Douifi repliceert dat zij van de aangekondigde oefening alvast geen resultaat teruggevonden heeft in de meerjarenplanning. Bijgevolg lijkt de zaak haar - ondanks herhaalde aanzetten - tot nu toe nog niet overlegd binnen de bestuursmeerderheid. Zij noemt zich verder ook niet bepaald voorstander van een consultancycontract maar zij wenst in de vordering van het dossier wel tussentijds overleg in de gemeenteraad. Hierop bezweert mevrouw L. Denolf, schepen, nog met grote aandrang dat de aangelegenheid wel degelijk eerder al door burgemeester en schepenen werd aangekaart.
- het waterbufferbekken tussen de Vredelaan en de Ieperse Heerweg
Mevrouw M. Vanwalleghem heeft hieromtrent de volgende verklarende nota ingediend: "Het bord van de werkzaamheden heeft aan dat de werken op eind werken zijn nog niet afgerond.
maart 2013
voorzien zijn. De afsluitingen rond het domein en de borden die er staan wijzen duidelijk nog een werf aan. De Waarom werd de vooropgestelde timing niet gehaald nu we nog 2 maanden van 1 jaar na vooropgestelde datum zijn? Wat betekent dat voor de overvloed aan water bij hevige regenval en de gekende problemen van onder water staan voor de buurt(bewoners)? Welke werken moeten nog worden uitgevoerd en wat is de timing?" De heer W. Depoorter, schepen, antwoordt dat weersomstandigheden niet in de planning staan. De werken dienden onderbroken en konden slechts met grote vertraging weer worden opgestart. Ook nu is het wachten op geschikter weer voor de eindafwerking, te weten het toegankelijk maken van het bekken voor waterwinning en het vertragen van de afloop richting Kortemark. De heer Audenaert, schepen, benadrukt nog dat het bekken in een voorbije periode van grote regenval tijdelijk reeds operationeel is geweest.
- brochure Hoeven Troeven Proeven, Lokale Duurzame Producten.
Mevrouw V. Jodts heeft hieromtrent de volgende verklarende nota ingediend: "Een uitgave in samenwerking met Oostkamp en Zedelgem om “gemakkelijk de weg te vinden naar de duurzame lokale producten, honing en fairtrade-producten”. En “om de lokale economie te versterken door lokale producten te kopen”. Een mooie brochure, een positief initiatief. Maar we merken op dat slechts 6 locaties of verkooppunten in Torhout in de brochure gepubliceerd zijn tov 12 in Oostkamp en 15 in Zedelgem. Vragen:
8 Er zijn veel landbouwbedrijven in Torhout die producten verkopen, althans veel meer toch dan enkel die vermeld in de brochure? Waarom staan ze er niet allemaal in? Welke zijn de precieze criteria gehanteerd? Hoe wordt de brochure verdeeld? Dewelke is het budget hiervoor? Is de landbouwraad hierbij betrokken geweest? Zo ja, hoe? Welk advies brachten ze uit? Wordt dit project verlengd? Hernomen? Zo ja, ware het dan niet beter breder te gaan in vermelding van lokale handelaars in deze? Mevrouw E. Desmet, schepen, verduidelijkt dat het initiatief te situeren is in het "fair trade - verhaal". Het promoten van lokale duurzame voeding was daarbij een moeilijk punt. Het eerste opzet was een brochure uitgeven op gemeentelijk niveau. Daarbij stelden zich wel wat vragen. Uiteindelijk werd er geopteerd voor een intergemeentelijk project met de daarmee samenhangende voordelen. Het kwam ook tot een duidelijke inhoudelijke afbakening. De eerste uitgave is eerder beperkt in oplage en kost 1002,41 euro voor 2.500 exemplaren. De brochure was al even te zien ter gelegenheid van de sociale kerstmarkt maar wordt een tweede keer gelanceerd op 11 mei.
8. Vragen en voorstellen namens de fractie N-VA betreffende het RUP Gitsstraat Kortemarkstraat.
De heer S. Becelaere heeft hieromtrent de volgende verklarende nota ingediend: "- Is er voldoende rekening gehouden met de watertoets, de Koebeek? - Zou eventueel de 'lijn' van de Beckhofstraat doorgetrokken worden of wordt daar geen rekening mee gehouden? - Klopt het dat die huizen 17 meter hoog zijn en 15 meter breed, zoals in de Sparresprokkels vermeld? - Wordt er een buurtvergadering gegeven? Indien ja, is dit voor of na de goedkeuring van het plan?? - Zijn er onteigeningen nodig in het plan? - In de sparresprokkels wordt gesproken van 75 woningen, over welke delen gaat dit dan? Betreft dit enkel Gitsstraat-Kortemarkstraat of gaat dit ook over de Rijselstraat en de Hertog v Arenberg straat." De heer W. Depoorter, schepen, antwoordt dat er bij het aspect water nauwlettend is toegekeken, inzonderheid voor wat betreft het stockeren, de vertraagde afloop, … . De "lijn" van de Beckhofstraat wordt niet echt doorgetrokken; het moet "denser". De af te lezen afmetingen van de woningen zijn fout, dit als gevolg van onzorgvuldig knip- en plakwerk. Een buurtvergadering is zeker voorzien en dit voor de goedkeuring van het plan door de gemeenteraad. Maar eerst dient één en ander nog uitgeklaard, inzonderheid binnen de waterproblematiek. Er zijn geen onteigeningen voorzien. En het gaat inderdaad om 75 woningen gespreid over een oppervlakte van zo'n 3 ha. Met verwijzing naar artikel 13 van het huishoudelijk reglement zijn er nog vragen van de heer W. Baert (aanvulling van het huishoudelijk reglement met bepalingen inzake de samenstelling en werking van de bijzondere gemeenteraadscommissie voor de toetsing van het gemeentelijk beleid aan de intergemeentelijke samenwerkingsverbanden), van de heer J. Bruynooghe (het uitnodigen van de leden van de gemeenteraad naar informatievergaderingen voor betrokken inwoners), van de heer J. Claus (kosten voor huisaansluitingen bij heraanleg van de Oostendestraat), van mevrouw E. Maes (afsluiting parking cultuurcentrum), van mevrouw M. Vanwalleghem (verkeersprobleem op Don Bosco en signalisatie wegomleggingen wegens werken in de Oostendestraat) en tenslotte nogmaals van de heer J. Bruynooghe (kappen van een linde in het park Ravenhof). Deze laatste vraag zal nog schriftelijk hernomen worden.
GEHEIME ZITTING 9. Personeel - brandweer - vrijwillig ontslag. 10. Personeel - brandweer - vrijwillig ontslag.
9 27/01
11. Personeel - brandweer - bevorderen van een sergeant-vrijwilliger - vaststellen bevorderingsreserve.
De voorzitter stelt vast dat hiermee de agenda volledig is afgehandeld. Zij sluit de vergadering om 21.40 uur. Een volgende bijeenkomst is voorzien op 24 februari 2014. Torhout, 27 januari 2014 De secretaris, De voorzitter, Luc Vandamme Hilde Crevits