1 Aanvraag - Inspectie Leefomgeving en Transport

Download Report

Transcript 1 Aanvraag - Inspectie Leefomgeving en Transport

Aanvraag
Beschikking toelating spoorvoertuigen
(Hoofdspoorweginfrastructuur)
Meer informatie
T 088 489 00 00 | www.ilent.nl
Toelichting
Met dit formulier kunt u een toelating voor een spoorvoertuig op de
Nederlandse hoofdspoorweginfrastructuur aanvragen.
Ook kunt u een (administratieve) wijziging op een al toegelaten
spoorvoertuig doorgeven.
Op basis van de Spoorwegwet, art. 37b lid 2 informeert de aanvrager
ILT over de voorgenomen wijziging. ILT besluit vervolgens of de
voorgestelde wijziging vergunningplichtig is.
1
Gegevens aanvrager
1.1 Naam onderneming
|
1.2 Naam contactpersoon
|
1.3Adres
|
1.4 Postcode en plaats
||
1.5Telefoonnummer(s)
|
1.6E-mailadres
|
1.7Factuuradres
|
1.8Eventueel referentienummer op
de factuur laten vermelden
|
Na ontvangst van het compleet ingevulde formulier ontvangt u een
betalingsverzoek. Na betaling start de behandeling van de aanvraag.
Onvolledig of onjuist ingevulde formulieren (inclusief het niet
meesturen van de gevraagde bijlagen) worden niet in behandeling
genomen.
Stuur het formulier naar [email protected] of naar Postbus 1511,
3500 BM Utrecht
ILT.115.11 | 1 van 14
Aanvraag
2
2.1 Om welk soort beschikking gaat
het?
Beschikking toelating spoorvoertuigen
Inspectie Leefomgeving en Transport
Ministerie van Infrastructuur en Milieu
Soort beschikking
! Bij onderstaande type beschikkingen alle vragen op het formulier invullen
n Registratie van spoorvoertuigen met Nederlandse voertuignummers > Autorisatie: Wanneer ILT een AVVI
afgeeft, krijgt de aanvrager bovendien
een meertalig formulier.
Dit formulier stuurt de aanvrager aan
de NSA (Toezichthouder) van de lidstaat
van eerste registratie dient te
verstrekken voor vermelding van de
Nederlandse autorisatie van het
spoorvoertuig in diens nationale
voertuigregister (NVR).
> (Zie paragraaf 29, Ad 2)
n VVI type spoorvoertuig (art. 37a, lid 1/2 en 37b, lid 3 Spoorwegwet) > (Aanvragen via Formulier Registratie in NVR)
n AVVI type spoorvoertuig incl. autorisatie* van spoorvoertuigen met buitenlandse
voertuignummers in NVR (art. 37a lid 1/2 en 37b, lid 6 Spoorwegwet)
> (Zie paragraaf 29, Ad 3)
n VVI enkel spoorvoertuig w.o. OTM (art. 36, lid 1/3/8, Spoorwegwet)
> (Zie paragraaf 29, Ad 4)
n Registratie van spoorvoertuigen met Nederlandse voertuignummers
> (Aanvragen via Formulier Registratie in NVR)
n AVVI enkel spoorvoertuig w.o. OTM incl. autorisatie* van spoorvoertuigen met
buitenlandse voertuignummers in NVR (art. 36, lid 5/8 Spoorwegwet)
> (Zie paragraaf 29, Ad 5)
n Gedogen onder voorwaarden (in geval van nieuwe of buitenlandse voertuigen)
> (Zie paragraaf 29, Ad 6)
nBeschikking op basis van Overgangsbepaling (art. 29a Regeling indienststelling
spoorvoertuigen)
> (Zie paragraaf 29, Ad 11)
! Bij onderstaande type beschikkingen niet het infracompatibiliteitsdeel (pagina 4 t/m 11) invullen
n Informatiedossier verbeterd of vernieuwd spoorvoertuig (art. 37b, lid 1/2/3/6 Spoorwegwet) > (Zie paragraaf 29, Ad 1)
n Gedogen onder voorwaarden (in geval van toegelaten Nederlandse spoorvoertuigen)
> (Zie paragraaf 29, Ad 6)
n Ontheffing van open punten in technische specificatie(s) (interoperabiliteit) en Regeling
Indienststelling Spoorvoertuigen (infracompatibiliteit) (art. 36, lid 9 Spoorwegwet)
> (Zie paragraaf 29, Ad 7)
n Ontheffing van technische specificatie(s), nationale voorschriften en nationale specifieke
gevallen (art. 36, lid 10 Spoorwegwet) (Documenten behorend bij de aanvraag indienen
in de Nederlandse en de Engelse taal)> (Zie paragraaf 29, Ad 8)
n
Buiten toepassing laten van technische specificatie subsysteem (interoperabiliteit) bij
vernieuwing of verbetering bestaand spoorvoertuig (art. 36, lid 4, Spoorwegwet/met
inachtneming van art. 9 richtlijn 2008/57/EG) Besluit EU Commissie volgt na maximaal
6 maanden (opschorting aanvraag met maximaal 6 maanden opgeschort i.v.m. Europees traject.
(Documenten behorend bij de aanvraag indienen in de Nederlandse en de Engelse taal)
> (Zie paragraaf 31, Ad 9)
n
Buiten toepassing laten van één of meer technische specificaties subsysteem (interoperabiliteit)
bij vernieuwing of verbetering bestaand spoorvoertuig (art. 37b, lid 5, Spoorwegwet/met
inachtneming van art. 20 richtlijn 2008/57/EG) Besluit EU Commissie volgt na maximaal
4 maanden (opschorting aanvraag met maximaal 6 maanden opgeschort i.v.m. Europees traject.
(Documenten behorend bij de aanvraag indienen in de Nederlandse en de Engelse taal)
> (Zie paragraaf 31, Ad 10)
2.2 Kenmerk geldige vergunning /
buitenlandse vergunning (bij
aanvraag AVVI) (indien van
toepassing)
|
2.3 Datum bestaande vergunning
|
3
Inzetgebied spoorvoertuig(en)
3.1Inzetgebied
n
ATB-EG baanvakkenn ATB-NG baanvakkenn ERTMS (level 1 + 2)
n
ERTMS HSLn ERTMS Hanzelijnn ERTMS Amsterdam - Utrecht
n Grensbaanvakken, te weten:
n Overige baanvakken/emplacementen, te weten:
ILT.115.11 | 2 van 14
Aanvraag
4
Beschikking toelating spoorvoertuigen
Inspectie Leefomgeving en Transport
Ministerie van Infrastructuur en Milieu
Technische gegevens spoorvoertuig
4.1 Naam van het type
spoorvoertuig (b.v.
goederenwagen FALNS of elektrische
vierwagen-treinstel, type VIRM-4)
|
4.2 Type aandrijving
n Elektrisch
n Dieselelektrisch
n
Dieselhydraulischn Geen aandrijving
nOverig:
4.3 Bijzonderheden spoorvoertuig
4.4 Aantal assen en asconfiguratie
|
4.5 Hart op hart afstand draaistellen
|mm|mm|mm|mm
4.6 Asafstand binnen draaistel
|mm
4.7 Totale massa
|Leegkg|Maximaal beladenkg
|Overbeladenkg
4.8 Ton/meterbelasting
|Leeg t/m|Maximaal beladent/m
4.9 Type remsyste(e)m(en)
|
4.10 Remgewicht (leeg/beladen)
|Leeg kg |Maximaal beladenkg
|Overbeladenkg
4.11 Technische maximum snelheid
|Zelfstandig rijdendkm/u
|In treinverbandkm/u
5
Ondertekening aanvrager
Ik verklaar dat alle bovenstaande gegevens op dit formulier en de bijlagen volledig en naar waarheid zijn ingevuld.
5.1 Aantal meegestuurde bijlagen
|
5.2 Naam aanvrager
|
5.3Adres
|
5.4 Postcode en plaats
||
5.5 Naam ondertekenaar
|
5.6 Datum en plaats
||
5.7 Handtekening aanvrager
|
ILT.115.11 | 3 van 14
Infracompatibiliteit
Betreft de Regeling indienstelling
spoorvoertuigen (Ris)
Deze informatie wordt gebruikt door de infrabeheerder voor
de infracompatibiliteitstoets
Meer informatie
T 088 489 00 00 | www.ilent.nl
6
Identificatie van het type
6.1 ERATV-NR (indien bekend)
|
6.2 Versies die tot dit type behoren
|
6.3 Datum registratie in ERATV (indien
bekend)
|
7
Algemene gegevens
7.1 Naam van het type spoorvoertuig
|
7.2 Alternatieve naam van het type
|
7.3 Naam van de fabrikant
|
7.4 Categorie spoorvoertuig
n
Tractie spoorvoertuigennRijtuigen nGoederenwagen
n Bijzondere spoorvoertuigen
7.5 Subcategorie spoorvoertuig
nAnders:
Tractie spoorvoertuig
n
Locomotiefn Reizigerstreinstel (incl. motorwagens)
nRangeerspoorvoertuig n Anders (trams, light-railvoertuigen, enz.)
Getrokken reizigers spoorvoertuigen (incl. slaapwagens, restauratiewagens, enz.)
n
Bagagewagenn Wagen voor autovervoer
nDienstvoertuig
n
Zit- en ligrijtuign zit/slaapwagens en couchettes nAnders:
Goederenwagon
n Vast stel van goederenwagons
ILT.115.11 | 4 van 14
Aanvraag
Beschikking toelating spoorvoertuigen
Inspectie Leefomgeving en Transport
Ministerie van Infrastructuur en Milieu
Bijzondere spoorvoertuigen
n Zelfrijdend bijzonder spoorvoertuig
n On track machine
n Railwegvoertuig
n Getrokken bijzonder spoorvoertuig
8
Overeenkomst met TSI's
8.1 Overeenkomst met TSI
n TSI WAG
n TSI RST HS
nTSI-SRT n TSI TAP
8.2EG-typecertificaten
|
8.3 Toepassing bijzondere gevallen
n Omgrenzingsprofiel NL1
8.4 Delen van TSI's waaraan niet is
voldaan
|
n TSI PRM
n TSI Noise
n TSI CCS
n TSI Loc&Pass (merger)
nOverig:
n Omgrenzingsprofiel NL2
9
Vergunningen
9.1 Lidstaat van vergunning
|
9.2Status
nLopend n
Actiefn Gereactiveerd
9.3 Geldigheid van de vergunning
(indien bepaald)
|Geldig tot:
n Stroomafnemerhoogtebegrenzing 5.860 mm
nOpgeschort
9.4 Gecodeerde beperkingen
Cat 1. Technische beperking
i.v.m. de bouw
n Code 1.1 Minimale boogstraal in meters:
n Code 1.2 Beperkingen met betrekking tot spoorstroomkringen:
n Code 1.3 Snelheidsbeperking in km/u (aanduiding op wagens en rijtuigen)
Cat 2. Geografische beperkingen
n Code 2.1 Kinematische omgrenzingsprofiel
n G1 n GA
n GB
n GC
n G2
nGB1 nGB2 n 3.3
nGB-M6
n Code 2.2 Wielstelbreedte variabele breedte
n
1436/1520n1436/1668
n Code 2.3 Geen B&S-systeem aan boord
Cat 2.5 Uitgeruste met klasse
B-Signaleringssysteem
n Code 2.4 Uitgerust met ERTMS
n
101 ALSNn 106 CAWS en ATP n 111 Idusi/PZB n
116 RETBn 121 TPWS
n
102 ASFAn 107 Krokodil
n
112 KVBn 117 RSDD/SCMT
n 122 TVM
n
103 ATBn
108 Ebicabn
113 LSn
118 SELCABn 123 ZUB 123
n 104 ATP-VR/RHK
Cat 2.5 Uitgeruste met klasse
B-systeem Radio
n
109 EVMn
114 LZBn 119 SHP
n
105 BACCn 110 GW ATP
n 115 MEMOR II+
n 120 TBL
n
201 UIC-radio hoofdstuk 1-4n 209 TTT radiosysteem CP_N
n
202 UIC-radio hoofdstuk 1-4+6n 210 PKP radiosysteem
n 203 UIC-radio hoofdstuk 1-4+6 (Iers systeem)
n 211 VR treinradio
n 204 UIC-radio hoofdstuk 1-4+6+7 (Groot Brittanië)
n 212 TRS - Tjechische spoorwegen
n
205 BR 1845n 213 LDZ - radiosysteem
n
206 BR 1609n 214 CH - Griekse spoorwegen
n
207 FS ETACS en GSMn 216 radiosysteem in Estland
n 208 UIC-radio hoofdstuk 1-4 (TTT Cascais-line)
ILT.115.11 | 5 van 14
n 217 radiosysteem in Letland
Aanvraag
Cat 3. Exploitatiebeperkingen in vergunning
Beschikking toelating spoorvoertuigen
Inspectie Leefomgeving en Transport
Ministerie van Infrastructuur en Milieu
n Code 3.1 Klimaatzone EN50125/1999
nT1 n T2 nT3
Cat 4. In toestemming voor de ingebruiknaeming
vermelde Exploitatiebeperkingen
9.5 Niet-gecodeerde beperkingen (zie vergunning)
n Code 4.1 Tijdsgebonden
n Code 4.2 Afhankelijk van de omstandigheden (afgelegde afstand, slijtage enz.)
|
|
|
|
9.6 Datum afgifte vergunning
|
9.7 Houder van de vergunning
|
9.8 Referentie vergunnings-document
|
9.9 Referenties nationaal certificaat (indien van toepassing)
|
|
|
9.10 Parameters waarvoor overeenkomst met
toepasselijke nationale voorschriften werd
beoordeeld
|
|
|
9.11Commentaar
10
Algemene technische eigenschappen van het voertuig
10.1 Aantal stuurcabines
|
10.2 Maximale ontwerpsnelheid
|km/u
10.3 Maximumsnelheid zonder last
|km/u
10.4Spoorwijdte
n
1435 mmnAnders:
10.5 Gebruiksvoorwaarden voor treinsamenstelling
n Zelfstandig rijdendn Uitsluitend getrokken
n Sandwich bedrijf toegestaan
10.6 Maximaal aantal bakken of locomotieven die aan
elkaar zijn gekoppeld in meervoudig bedrijf
|
10.7 Aantal elementen in een stel goederenwagons (enkel
voor subcategorie “stel goederenwagons”)
|
10.8 Lettercodes (TSI OPE Bijlage P)
|
10.9 Type voldoet aan de toepasselijke eisen voor de
geldigheid van de door een andere lidstaat voor het
voertuig verleende vergunning
nJa nNee
10.10Gevaarlijke stoffen waarvoor het voertuig geschikt is
(tankcode /GEVI-code)
|
11
n Geduwd rijden toegestaan
nMultiple
Kinematisch omgrenzingsprofiel
11.1 Kinematisch omgrenzingsprofiel (interoperabel
profiel)
n GA
n GB
11.2 Overig referentieprofiel (andere profielen die aan de
hand van de kinematische methode worden
beoordeeld)
n Referentieprofiel NL1
n GC
nG1
n Referentieprofiel NL2
n Stroomafnemerhoogtebegrenzing 5.860 mm
ILT.115.11 | 6 van 14
n Referentieprofiel G2
Aanvraag
Beschikking toelating spoorvoertuigen
Inspectie Leefomgeving en Transport
Ministerie van Infrastructuur en Milieu
12
Omgevingsomstandigheden
12.1Temperatuurbereik
n T1 (– 25 °C tot + 40 °C; nominaal)
12.2Hoogtebereik
|
12.3 Sneeuw, ijs en hagel
n Nominaal nZwaar
12.4 Ballastspatten: Onderzocht? (uitsluitend voor
voertuigen van v ≥ 190 km/u)
n
JanNee
13
Brandveiligheid
13.1 Categorie brandveiligheid
n
AnB
14
Ontwerpgewicht en lasten
>
14.1 Toegelaten nuttige last (belading) voor verschillende
lijncategorieën
n T2 (– 40 °C tot + 35 °C) n T3 (– 25 °C tot + 45 °C)
Per categorie toegelaten belading opgeven (zie meest recente Netverklaring ProRail)
n C2
n D2
n D3
n D4
n E4
14.2 Bedrijfsklaar ontwerpgewicht
|kg
14.3 Ontwerpgewicht bij normale belasting (maximale
belading)
|kg
14.4 Ontwerpgewicht bij uitzonderlijke belasting
(overbelading)
14.5 Bedrijfsklare statische aslast
|kg
14.6 Statische aslast bij normale last/maximale nuttige
last voor goederenwagons (maximale belading)
|kg
|kg
14.7 Statische aslast bij uitzonderlijke belasting
(overbelading)
|kg
14.8 Indien overschrijding: quasi statische
spoorbelasting (conform EN14363)'
|kN
15
Dynamisch gedrag van het rollend materieel
15.1 Verkantingstekort (maximale niet-gecompenseerde
dwarsversnelling) waarvoor het voertuig werd
beoordeeld
|mm
15.2 Is het voertuig uitgerust met
verkantingscompensatiesysteem? (“kantelbak”)
n
JanNee
15.3 Zijn de bedrijfswaarden van equivalente coniciteit (of
afgesleten wielprofiel) voor het voertuig onderzocht?
n
JanNee
16
Remkarakteristieken
16.1 Maximumvertraging van de tractievoertuigen
|Leeg:m/s2 |Max. beladen:t|Overbeladen:t
16.2Remgewicht
|Leeg:t |Max. beladen:t|Overbeladen:t
16.3Rempercentage
|Leeg:% |Max. beladen:t|Overbeladen:t
17
Remprestaties op steile hellingen bij normale belasting
17.1 Referentie van de TSI (indien van toepassing)
referentie vermelden (anders vraag 17.2 t/m 17.5
invullen)
|
17.2 Snelheid (indien geen referentie is vermeld)
|km/u
ILT.115.11 | 7 van 14
Aanvraag
Beschikking toelating spoorvoertuigen
Inspectie Leefomgeving en Transport
Ministerie van Infrastructuur en Milieu
17.3 Helling (indien geen referentie is vermeld)
|0/00 (mm/m)
17.4 Afstand (indien geen referentie is vermeld)
|km
17.5 Tijd (indien de afstand niet is vermeld)
|sec
18
Parkeerrem
18.1Parkeerrem
n
JanNee
18.2 Type parkeerrem
|
18.3 Maximale helling parkeerrem waarop de eenheid
blijft stilstaan met enkel de parkeerrem
aangetrokken (als het voertuig ermee is uitgerust)
|0/00 (mm/m)
19
Remsystemen op het voertuig
19.1 Type rem
n
SchijfremnBlokkenrem n ED rem
n Toegevoegde blokkenrem
nWervelstroomrem nMagneetrem nRecuperatierem
19.2 Wervelstroomrem geïnstalleerd
n
Jan
NeenN.v.t.
19.3 Mogelijkheid om het gebruik van de
wervelstroomrem te vermijden (uitschakelbaar)
n
Jan
NeenN.v.t.
19.4 Magneetrem geïnstalleerd
n
JanNee
19.5 Mogelijkheid om het gebruik van de magneetrem te
vermijden (uitschakelbaar)
19.6 Recuperatierem geïnstalleerd
n
Jan
NeenN.v.t.
19.7 Mogelijkheid om het gebruik van de recuperatierem
te vermijden (uitschakelbaar)
n
Jan
NeenN.v.t.
n
JanNee
20
Geometrische eigenschappen
20.1 Lengte van het voertuig (incl. buffers en koppelingen)
|m
20.2 Minimum wieldiameter
|mm
20.3 Gaping <80 mm indien wieldiameter <730mm?
n
JanNee
20.4Rangeerbeperkingen
n
JanNee
20.5 Heuvelen mogelijk (= topboog ≥ 250 m en dalboog
≥ 300 m)
n
JanNee
20.6 Mogelijke horizontale minimumboogstraal
|m
20.7 Doorlopen horizontale boog met radius 190m en
groter in S-bogen zonder ingesloten rechtstand
n
JanNee
20.8 Mogelijke verticale bolle minimum boogstraal
|m
20.9 Mogelijke verticale holle minimum boogstraal
|m
20.10Hoogte laadplatform van laadplatform (voor platte
wagons en gecombineerd vervoer)
|m
20.11Geschikt voor vervoer op ferry's
n
JanNee
21
Apparatuur
21.1 Type eindkoppeling (met vermelding van trek- en
drukkrachten)
|
21.2 Aslagerbewaking (warmloperdetector)
n
JanNee
21.3 Smering van wielflenzen mogelijk
n
JanNee
21.4 Mogelijkheid om het smeertoestel uit te schakelen
n
JanNee
21.5 Beschikt voertuig over radiobesturing
n
JanNee
21.6 Zo ja, fabrikant en typenummer
||
ILT.115.11 | 8 van 14
Aanvraag
Beschikking toelating spoorvoertuigen
Inspectie Leefomgeving en Transport
Ministerie van Infrastructuur en Milieu
22
Energievoorziening
22.1Energievoorzieningssysteem
n Dieseln 750 V
n 1500 V DC
n 15 kV AC 16 2/3 Hz (grensbaanvakken D)
n 3000 V DC (grensbaanvakken B)
n 25 kV AC 50hz
22.2 Maximale aanzetversnelling
|m/s2
22.3 Maximale vermogen (moet worden vermeld voor elk
energievoorzieningssysteem waarvoor het voertuig
is uitgerust)
|kW
22.4 Maximale nominale stroomafname van de
bovenleiding (moet worden vermeld voor elk
energievoorzieningssysteem waarvoor het voertuig
is uitgerust)
|A
22.5 Maximale stroomafname per stroomafnemer bij
stilstand (moet worden vermeld voor elk
gelijkstroomsysteem waarvoor het voertuig is
uitgerust)
|A
22.6 Reactietijd snelschakelaar
|sec
22.7 Hoogte van interactie van stroomafnemer met
rijdraden (boven de spoorstaaf) (moet worden
vermeld voor elk energievoorzieningssysteem
waarvoor het voertuig is uitgerust)
|van(m)tot(m) (tot 2 decimalen)
22.8 Voertuig voorzien van stuit 5.860 mm
(alleen 1500 V DC)
n Jan Nee
22.9 Stroomafnemerschuit (moet worden vermeld voor
elk energievoorzienings-systeem waarvoor het
voertuig is uitgerust)
n 1600 mm
22.10Aantal stroomafnemers in contact met de
bovenleiding (moet worden vermeld voor elk
energievoorzieningssysteem waarvoor het voertuig
is uitgerust)
|
22.11Kortste afstand tussen twee stroomafnemers in
contact met de bovenleiding (moet worden vermeld
voor elk energie-voorzieningssysteem waarvoor het
voertuig is uitgerust) (uitsluitend indien het aantal
opgezette stroomafnemers meer dan 1 bedraagt)
| 22.12Soort bovenleiding die wordt gebruikt voor het
testen van de stroomafnamekwaliteit (moet worden
vermeld voor elk energie-voorzieningssysteem
waarvoor het voertuig is uitgerust) (uitsluitend indien
het aantal opgezette stroomafnemers meer dan 1
bedraagt)
|
22.13Indien één stroomafnemer, vermelding soort
bovenleiding of testbaanvak
|
22.14Materiaal van het sleepstuk van de stroomafnemer
waarmee het voertuig uitgerust kan zijn (moet
worden vermeld voor elk energievoorzieningssysteem waarvoor het voertuig is
uitgerust)
n Kool n Gemetalliseerd kool
22.15Automatische strijkinrichting geïnstalleerd (= ADD
(Automatic Dropping Device)
(moet worden vermeld voor elk energievoorzieningssysteem waarvoor het voertuig is
uitgerust)
n Jan Nee
22.16TSI-conforme energiemeter voor facturering aan
boord geïnstalleerd
n Jan Nee
n 1950 mm
n Anders:
m
23
Geluidseigenschappen
23.1 Passeergeluidsniveaus (dB(A))
| 23.2 Passeergeluid werden gemeten onder
referentieomstandigheden
n Jan Nee
dB(A)
ILT.115.11 | 9 van 14
n Anders
Aanvraag
Beschikking toelating spoorvoertuigen
Inspectie Leefomgeving en Transport
Ministerie van Infrastructuur en Milieu
23.3 Stationair geluidsniveau (dB(A))
| dB(A)
23.4 Geluidsniveau bij starten (dB(A))
| dB(A)
24
Eigenschappen m.b.t. reizigers
24.1 Aantal vaste zitplaatsen
| VanTot
24.2 Aantal toiletten
|
24.3 Aantal slaapplaatsen
| VanTot
24.4 Aantal gereserveerde plaatsen voor invaliden
| VanTot
24.5 Aantal rolstoelplaatsen
| VanTot
24.6 Aantal toiletten toegankelijk voor invaliden
|
24.7 Aantal slaapplaatsen toegankelijk voor invaliden
|
24.8 Perronhoogte waarvoor het voertuig is ontworpen
|mm
24.9 Beschrijving van de aan boord aanwezige
instaphulpmiddelen (indien aanwezig)
24.10Beschrijving van verplaatsbare instapmiddelen
indien hiermee bij het ontwerp van het voertuig werd
rekening gehouden om te voldoen aan de eisen van
de TSI PRM
25
25.1 ETCS-apparatuur aan boord en niveau ervan
Besturing en seingevingsapparatuur (voor voertuigen met uitsluitend
een stuurcabine)
n TSI CCS, versie:
n Nee n Level 1n Level 2n Level 3
25.2 ETCS aan boord. Baselineversie (x,y) van ETCS.
(Indien de versie niet volledig compatibel is, moet dit
tussen haakjes worden vermeld)
n Baseline, versie:
25.3 ETCS-treinapparatuur voor ontvangst van infillfunctie-informatie via loop of GSM-R
n Loop n GSM-R
25.4 Nationale toepassingen van ETCS uitgevoerd
(NID_XUSER van Packet 44)
BTI test uitgevoerd?
n Jan Nee
25.5 Klasse B- of andere treinbeveiligings-, besturings- en
cabinesignaleringssytemen geïnstalleerd (systeem
en, indien van toepassing, versie), zoals ATB
n ATB EG
26
n 2.0n
3.0nAnders:
n ATB NG
n
eATBnPzB nTBL1
nAnders:
Bijzondere voorzieningen aan boord voor het schakelen tussen
verschillende treinbeveiligings-, besturings, en
cabinesignaleringssystemen
HardwareSoftware
26.1 GSM-R-treinapparatuur en de versie ervan (FRS en
SRS)
|
|
26.2 Aantal mobiele GSM-R-sets in stuurcabine voor
gegevensoverdracht
|
26.3 Klasse B- of andere radiosystemen geïnstalleerd
(systeem en, indien van toepassing, versie)
(in Nederland niet van toepassing)
|
26.4 Bijzondere voorzieningen aan boord voor het
schakelen tussen verschillende radiosystemen
(in Nederland niet van toepassing)
|
ILT.115.11 | 10 van 14
Aanvraag
27
27.1 Type treindetectiesystemen waarvoor het
voertuig werd ontworpen en beoordeeld
Beschikking toelating spoorvoertuigen
Inspectie Leefomgeving en Transport
Ministerie van Infrastructuur en Milieu
Compatibiliteit met treindetectiesystemen
n
LaagfrequentnToonfrequent
nPrikspanningspoorstroomlopen n Assenteller: Az L90-4Sk30C
n Assenteller: Az LM Sk30H
n Assenteller: GETS
n
PedalennLussen
nOverig:
28 Gedetailleerde voertuigeigenschappen m.b.t. treindetectie
28.1 Maximumafstand opeenvolgende assen
| mm
28.2 Minimumafstand opeenvolgende assen
| mm
28.3 Afstand tussen eerste en laatste as
| mm
28.4 Maximumlengte van de neus van het
voertuig
| mm
28.5 Minimumbreedte van de wielband
| mm
28.6Minimumwieldiameter
| mm
28.7 Minimumdikte wielflenzen
| mm
28.8 Minimumhoogte wielflenzen
| mm
28.9 Maximumhoogte wielflenzen
| mm
28.10Minimum aslast
| ton
28.11Ruimte tussen wielen zonder metaal- en
inductieve onderdelen. Voldoet aan de Ris,
art 7 en 17
n Jan Nee
28.12Het materiaal van de wielen is
ferromagnetisch
n Jan Nee
28.13Maximale zandstrooicapaciteit
| 28.14Mogelijkheid om het gebruik van
zandstrooiers te vermijden
(uitschakelbaarheid zandstrooiers)
n Jan Nee
28.15Metaalmassa van het voertuig
onderzocht?
n Jan Nee
28.16Maximumimpedantie van loopvlak tot
loopvlak
| 28.17Aantal punten kortsluitwaarde
(spoorstroomlopen) (Ris bijlage 5)
|
28.18Minimumimpedantie van het voertuig
(tussen wielen en stroomafnemer
(uitsluitend voor voertuigen die zijn
uitgerust voor 1500V of 3000V
gelijkstroom)
n 50 Hz, impedantie:Ω
28.19Electromagnetische storingen door
retourstroom in de sporen
n AC component in DC retourstroom <50 A: 28.20Electromagnetische emissie van de trein in
verband met compatibiliteit met
treindetectiesystemen
n EN 50121-1:
gram
persec
Ω
n 75 Hz, impedantie:Ω
n
Psofometrische stoorstroom <10 A:A
n EN 50121-3-1:
n EN 50121-3-2:
ILT.115.11 | 11 van 14
A
Aanvraag
29 Beschikking toelating spoorvoertuigen
Inspectie Leefomgeving en Transport
Ministerie van Infrastructuur en Milieu
Bijlagen
Ad
Beschikking
Documenten
Ad 1
Informatiedossier verbeterd
of vernieuwd spoorvoertuig
(art. 37b, lid 1/2/3/6
Spoorwegwet)
1.
2.
3.
4.
Bestaande (binnenlandse/buitenlandse) machtiging
Documentatie voorgestelde verbetering of vernieuwing en indien van toepassing consultatie ProRail
(Nederlandse inframanager)
Overige relevante documenten waarin het aan te bestedenproject wordt beschreven
Common Safety Methods (CSM) voorgestelde verbetering of vernieuwing
Ad 2
VVI type spoorvoertuig (art.
37a, lid 1/2 en 37b, lid 3
Spoorwegwet)
1.
2.
3.
4.
5.
6.
Eventueel bestaande machtiging
Verklaring van aanvrager (Declaration of Applicant) dat het spoorvoertuig voldoet aan de eisen van de richtlijn
2008/57 en de TSI’s
EG-keuringsverklaring incl. onderliggende certificaten (NoBo) en EG-conformiteitsverklaring van de aanvrager
DeBo-keuringsrapport, NoBo-keuringsrapport, Common Safety Methods (CSM), assessment rapport van de
Assessment Body
Baantreinintegratierapport (alleen in geval van Control Command Signalling (CCS))
Foto spoorvoertuig(en)
Control Command Signalling (CCS):
In geval van CCS, dient het ILT-formulier “Technical File for the placing in service of vehicle [type] with CCS on-board
[subsystems]” eveneens te worden ingevuld en meegestuurd met dit formulier “Toelating van spoorvoertuigen”.
In geval van historische spoorvoertuigen, extra aanleveren
7. Aantoonbaarheid veilige inzet (wielstellen, remmen, casco etc.)
8. Bewijs van ECM-schap en onderhoudsschema
Ad 3
AVVI type spoorvoertuig incl.
autorisatie van
spoorvoertuigen met
buitenlandse
voertuignummers in NVR (art.
37a, lid 1/2 en 37b, lid 6
Spoorwegwet)
1.
2.
3.
4.
5.
6.
Bestaande buitenlandse machtiging
Verklaring van aanvrager (Declaration of Applicant) dat het spoorvoertuig voldoet aan de eisen van de richtlijn
2008/57 en de TSI’s
EG-keuringsverklaring (incl. onderliggende certificaten (NoBo) en EG-conformiteitsverklaring van de aanvrager)
van ieder toe te laten en te registreren spoorvoertuig
DeBo-keuringsrapport, NoBo-keuringsrapport, Common Safety Methods (CSM), assessment rapport van de
Assessment Body
Baantreinintegratierapport (alleen in geval van Control Command Signalling (CCS))
Foto spoorvoertuig(en)
Autorisatie:
Indien de aanvrager een autorisatie voor een spoorvoertuig(en) met buitenlandse voertuignummers in het
Nationaal VoertuigRegister (NVR) wenst, dient hij een EG-keuringsverklaring(en) mee te sturen. Inzet van een
spoorvoertuig kan in principe alleen op basis van een geldige vergunning van ILT èn een registratie in het NVR.
Control Command Signalling (CCS):
In geval van CCS, dient het ILT-formulier “Technical File for the placing in service of vehicle [type] with CCS on-board
[subsystems]” eveneens te worden ingevuld en meegestuurd met dit formulier “Toelating van spoorvoertuigen”.
Ad 4
VVI enkel spoorvoertuig w.o.
OTM (art. 36, lid 1/3/8,
Spoorwegwet)
1. Eventueel bestaande machtiging
2. Verklaring van aanvrager (Declaration of Applicant) dat het spoorvoertuig voldoet aan de eisen van de richtlijn
2008/57 en de TSI’s
3. EG-keuringsverklaring incl. onderliggende certificaten (NoBo) en EG-conformiteitsverklaring van de aanvrager
4. DeBo-keuringsrapport, NoBo-keuringsrapport, Common Safety Methods (CSM), assessment rapport van de
Assessment Body
5. Baantreinintegratierapport (alleen in geval van Control Command Signalling (CCS)) conform ProRail’s richtlijn
RLN0000295
6. Foto spoorvoertuig(en)
Control Command Signalling (CCS):
In geval van CCS, dient het ILT-formulier “Technical File for the placing in service of vehicle [type] with CCS on-board
[subsystems]” eveneens te worden ingevuld en meegestuurd met dit formulier “Toelating van spoorvoertuigen”.
In geval van historische spoorvoertuigen, extra aanleveren
7. Aantoonbaarheid veilige inzet (wielstellen, remmen, casco etc.)
8. Bewijs van ECM-schap en onderhoudsschema
ILT.115.11 | 12 van 14
Aanvraag
Ad 5
AVVI enkel spoorvoertuig w.o.
OTM incl. autorisatie van
spoorvoertuigen met
buitenlandse
voertuignummers in NVR (art.
36, lid 5/8 Spoorwegwet)
Beschikking toelating spoorvoertuigen
Inspectie Leefomgeving en Transport
Ministerie van Infrastructuur en Milieu
1. Bestaande buitenlandse machtiging
2. Verklaring van aanvrager (Declaration of Applicant) dat het spoorvoertuig voldoet aan de eisen van de richtlijn
2008/57 en de TSI’s
3. EG-keuringsverklaring (incl. onderliggende certificaten (NoBo) en EG-conformiteitsverklaring van de aanvrager)
van het toe te laten en te registreren spoorvoertuig
4. DeBo-keuringsrapport, NoBo-keuringsrapport, Common Safety Methods (CSM), assessment rapport van de
Assessment Body
5. Baantreinintegratierapport (alleen in geval van Control Command Signalling (CCS)) conform ProRail’s richtlijn
RLN0000295
6. Foto spoorvoertuig(en)
Autorisatie:
Indien de aanvrager een autorisatie voor een spoorvoertuig(en) met buitenlandse voertuignummers in het
Nationaal VoertuigRegister (NVR) wenst, dient hij een EG-keuringsverklaring(en) mee te sturen. Inzet van een
spoorvoertuig kan in principe alleen op basis van een geldige (type) vergunning van ILT èn een registratie in het
NVR.
Control Command Signalling (CCS):
In geval van CCS, van een nieuw type, nieuw voertuig cq wijzigingen in de treinbeveiliging, dient het ILT-formulier
“Technical File for the placing in service of vehicle [type] with CCS on-board [subsystems]” eveneens te worden
ingevuld en meegestuurd met dit formulier “Toelating van spoorvoertuigen”.
Ad 6
Gedogen onder voorwaarden
1.Motivatiedocument
2. Eventuele bestaande (buitenlandse) machtiging
3. Documentatie voorgestelde verbetering of vernieuwing incl. consultatie ProRail (Nederlandse inframanager)
(indien van toepassing)
4. Overige relevante documenten waarin het aan te besteden project wordt beschreven
* Motivatiedocument: een ondertekend document waarin de aanvrager motiveert waarom, waar en eventueel
voor welke periode hij zijn spoorvoertuig wil inzetten ondanks dat dit niet voldoet aan de huidige wet- en
regelgeving (TSI’s).
Ad 7
Ad 8
Ontheffing van open punten
in technische specificatie(s)
(interoperabiliteit) en Regeling
Indienststelling
Spoorvoertuigen
(infracompatibiliteit) (art. 36,
lid 9 Spoorwegwet)
1.Motivatiedocument*
2. Eventuele bestaande (buitenlandse) machtiging
3. Assessment rapport van de Assessment Body incl. EG-keuringsverklaring met onderliggende certificaten (NoBo),
EG-conformiteitsverklaring van de aanvrager, NoBo-keuringsrapport, DeBo-keuringsrapport, Common Safety
Methods (CSM)
Ontheffing van technische
specificatie(s), nationale
voorschriften en nationale
specifieke gevallen (art. 36, lid
10 Spoorwegwet)
1. Eventuele bestaande (binnenlandse/buitenlandse) machtiging
2.Motivatiedocument*
3. Assessment rapport van de Assessment Body incl. EG-keuringsverklaring met onderliggende certificaten (NoBo),
EG-conformiteitsverklaring van de aanvrager, NoBo-keuringsrapport, DeBo-keuringsrapport, Common Safety
Methods (CSM)
* Motivatiedocument: een ondertekend document waarin de aanvrager motiveert waarom, waar en eventueel
voor welke periode hij zijn spoorvoertuig wil inzetten ondanks dat dit niet voldoet aan de huidige wet- en
regelgeving (TSI’s).
* Motivatiedocument: een ondertekend document waarin de aanvrager motiveert waarom, waar en eventueel
voor welke periode hij zijn spoorvoertuig wil inzetten ondanks dat dit niet voldoet aan de huidige wet- en
regelgeving (TSI’s).
ILT.115.11 | 13 van 14
Aanvraag
Ad 9
Buiten toepassing laten van
technische specificatie
subsysteem (interoperabiliteit)
bij vernieuwing of verbetering
bestaand spoorvoertuig (art.
36, lid 4, Spoorwegwet/met
inachtneming van art. 9
richtlijn 2008/57/EG)
Beschikking toelating spoorvoertuigen
Inspectie Leefomgeving en Transport
Ministerie van Infrastructuur en Milieu
1.Motivatiedocument*
2a.Een brief waarin het voornemen af te wijken formeel aan de Commissie wordt meegedeeld;
2b.Als bijlage bij die brief een dossier dat minstens het volgende bevat:
- een beschrijving van de werken, goederen en diensten waarop de afwijking betrekking heeft, waarbij de belangrijkste datums, de geografische situatie en het functionele en technische domein worden gepreciseerd;
- een exacte referentie naar de TSI’s (of delen ervan) waarvoor een afwijking wordt aangevraagd;
- een exacte referentie en de bijzonderheden van de alternatieve bepalingen die zullen worden toegepast;
- voor aanvragen in het kader van artikel 7, lid 1, onder a): de verantwoording van het feit dat het project zich in een vergevorderd stadium bevindt;
- de rechtvaardiging van de afwijking, met de belangrijkste technische, economische, commerciële, operationele en/of administratieve redenen;
- alle andere elementen die de aanvraag tot afwijking rechtvaardigen;
- een beschrijving van de maatregelen die de lidstaat voornemens is te nemen om de uiteindelijke
interoperabiliteit van het project te bevorderen. Als het om een kleine afwijking gaat, is deze beschrijving niet
nodig.
Om de documenten onder de leden van het comité te kunnen verspreiden, moeten ze zowel op papier als in de
vorm van elektronische bestanden worden ingediend.
(bron: bijlage IX Richtlijn 2008/57)
* Motivatiedocument: een ondertekend document waarin de aanvrager motiveert waarom, waar en eventueel
voor welke periode hij zijn spoorvoertuig wil inzetten ondanks dat dit niet voldoet aan de huidige wet- en
regelgeving (TSI’s).
Ad 10
Buiten toepassing laten van
één of meer technische
specificaties subsysteem
(interoperabiliteit) bij
vernieuwing of verbetering
bestaand spoorvoertuig (art.
37b, lid 5, Spoorwegwet/met
inachtneming van art. 20
richtlijn 2008/57/EG)
Documentatie met de volgende inhoud:
1. de reden waarom de TSI niet volledig wordt toegepast;
2. de technische kenmerken die van toepassing zijn in plaats van de TSI;
3. de organismen die, wat deze kenmerken betreft, bevoegd zijn voor de toepassing van de in artikel 18 bedoelde
verificatieprocedure.
(bron: artikel 20 tweede lid Richtlijn 2008/57)
Ad 11
Beschikking op basis van
Overgangsbepaling (art. 29a
Regeling indienststelling
spoorvoertuigen)
1.
2.
3.
4.
5.
Eventueel bestaande machtiging
EG-keuringsverklaring incl. onderliggende certificaten (NoBo) en EG-conformiteitsverklaring van de aanvrager
Assessment rapport van de Assessment Body incl. NoBo-keuringsrapport, DeBo-keuringsrapport, Common
Safety Methods (CSM)
Baantreinintegratierapport (alleen in geval van Control Command Signalling (CCS))
Foto spoorvoertuig(en)
ILT.115.11 | 14 van 14